De barre oversteek naar Ameland in 1917

- Aanleiding - - Levenswandel - - Mobilisatie - - Hospitaal - - De oversteek - - Krantenbericht - - Brief Hoekstra - - Brief Bleeker 1 - - Brief IJnsen - - Brief Bleeker 2 - - Brief Molenaar - - Brief Visser - - Brief Bleeker 3 - - Brief Bleeker 4 - - Verslag de Jong - - Brief de Jong - - Rouwadvertenties - - Leeuwarder Courant - - Tames Oud - - Het Boekje - - Nawoord - - Gastenboek - - Contact - - Links -

Samenvatting van de noodlottige oversteek.

Toch werd Jacob Bleeker korte tijd later, op vrijdag 19 januari 1917, definitief ontslagen uit het Militair Hospitaal te Amersfoort. Hij wilde niets liever dan zo snel mogelijk naar zijn familie op Ameland om verder op krachten te komen.

Het was hartje winter en toen hij op zondag 21 januari in Holwerd aankwam, bleek de postboot helaas niet meer te varen vanwege de bevroren Waddenzee en de lage waterstand. Groot moet zijn teleurstelling zijn geweest.

Toch waagde hij, verzwakt door de ziekte die hij had gehad en waarvan hij herstellende was, om met anderen de overtocht te voet over het onbetrouwbare ijs te ondernemen. Het eiland Ameland, dat aan de horizon met een knipoog naar de mannen lokte, bleek onweerstaanbaar te zijn.

Het zou echter een veel te zware tocht te gaan worden, vooral voor Jacob met zijn nog zwakke gezondheid. Het ijs was vaak nog te dun en op veel plaatsen gebroken. Ze moesten op kniehoogte het ijs kapottrappen en waden door het steenkoude water, vol met scherpe ijsschotsen.

Een veel te zware tocht.

Nog voordat de groep met heel veel moeite de vaste wal van Ameland bereikte, bezweek Jacob Bleeker op het ijs door uitputting.

De groep ging verder naar Ameland om hulp te halen en toen deze bij hem kwam was hij reeds bewusteloos en overleed kort daarna.

De vermoedelijke route van de oversteek in 1917.

Over het noodlottige ongeval is nog lang op Ameland gesproken. Zelfs nu nog, na bijna 100 jaar, weten de oudere Amelanders er nog over te vertellen. Het heeft grote indruk achtergelaten op bewoners van dit eiland.

De emoties liepen aanvankelijkzeer hoog op en diverse stukken werden in de plaatselijke kranten "Nieuwsblad Dockum", onder de rubriek "Onze Eilanden", en in "De Leeuwarder Courant" hierover geschreven.

Zijn broer Cornelis Bleeker en zijn vriend de sergeant J.Hoekstra, die ook te Amersfoort gelegerd was, vonden het namelijk onverantwoord dat de groep overstekers de hulpbehoevende Jacob geheel alleen en zonder toezicht op het ijs had achtergelaten, om hulp te halen op Ameland. Men was immers wel in staat geweest de meegevoerde levende kippen en andere zaken veilig aan wal te brengen.

De over en weer geuite verwijten van de ingezonden brieven in de kranten geven ook een duidelijk beeld over hoe groot de verslagenheid, door het overlijden van Jacob, bij zijn familie moet zijn geweest.

Uiteindelijk heeft Cornelis Bleeker voor een deel zijn beschuldigingen aan het adres van de overstekende groep ingetrokken, mede omdat zijn moeder er emotioneel te veel onder ging lijden. Deze ingezonden stukken en de ooggetuigeverslagen van C.A. de Jong, die het aan de vaste wal had meegemaakt, worden apart behandeld.

In deze stukken komen tevens de ellendige en barre omstandigheden, waarmee men onderweg te kampen kreeg, uitvoerig aan de orde. 

Op de dag van de begrafenis, met militaire eer, van Jacob in Hollum, ontving zijn moeder Truitje het bericht van de Hollandsche Lloyd dat het stoomschip "Salland", waarop haar man Pieter als scheepstimmerman voer, in Het Kanaal was getorpedeerd. Het was toen nog niet bekend of er overlevenden waren. Zij had al eerder haar beide broers Yzaak en Christiaan op een zeer jonge leeftijd op zee verloren. De familie, maar vooral zijn moeder, kreeg het in die dagen bijzonder hard te verduren.

De voornaamste oorzaak van hun grote ontsteltenis lag aan de inhoud van de oorspronkelijke berichtgeving door de "correspondenten" van de beide kranten. Hierin werd vermeld dat men Jacob geheel alleen in hulpeloze toestand op het ijs had achtergelaten. Door een deel van medetochtgenoten werd dit met klem tegengesproken, zoals te lezen valt in de ingezonden stukken die hierna uitvoerig worden weergegeven.